Tele-immobilisatie

Tele-immobilisatie is het op afstand verdoven van dieren.

Wanneer dieren schuw of agressief zijn is het vaak onmogelijk om de dieren op een normale manier te vangen of te transporteren. Er wordt dan vaak gebruik gemaakt van hulpmiddelen om de dieren van een afstand te verdoven.

Hiervoor bestaan enkele methoden:

  • Het door het voer mengen van bepaalde kalmerende of verdovende stoffen. Dit is verreweg de makkelijkste manier. Nadeel is dat de dosering slecht te reguleren is. Het gebruikte middel moet een grote veiligheidsindex hebben.
  • Jabstick: Dit is een soort spuit op een stok. Hiervoor is het nodig om op korte en veilige afstand van het dier te komen. Deze methode is geschikt om dieren op een veewagen of in een kleine kooi te verdoven.
  • Blaaspijp: Voor middellange afstanden 2-10 meter. Met behulp van een blaaspijp wordt een speciaal geconstrueerde pijl afgeschoten.
  • Verdovingsgeweer: Voor grotere afstanden 5-50 meter . Er bestaan verdovingsgeweren die werken met perslucht (of CO2) en geweren die gebruik maken van kruitladingen om de pijlen af te schieten. 

Voordat besloten wordt om dieren te verdoven moet afgewogen worden of het nodig is om dit te doen; vaak is het mogelijk om met behulp van andere hulpmiddelen ( netten, vangkraal, vangstok) de dieren te vangen.
Bij teleimmobilisatie wordt gebruikt gemaakt van diergeneesmiddelen die alleen door een dierenarts toegediend mogen worden. Het gaat hierbij om middelen die voor de verschillende diersoorten en verschillende rassen in andere doseringen gegeven worden en middelen die bij verkeerd gebruik gevaarlijk kunnen zijn voor mens en dier. Bovendien kan het nodig zijn om een tegenmiddel te geven of andere maatregelen om de narcose te sturen. 

Enkele knelpunten bij het gebruik van teleimmobilisatie:

  • Dier in stress: Wanneer het dier gedurende langere tijd gejaagd is geweest, heeft het dier een hoog gehalte adrenaline in het bloed. Hierdoor kan het zijn dat de narcose slecht werkt. Dit kan enigszins ondervangen worden door een combinatie van middelen te kiezen. Ook is het belangrijk het dier tijdens de inwerkperiode van het narcosemiddel met rust te laten en te wachten tot het dier geheel slaapt.
  • Inwerkingstijd verdovingsmiddel : Nadat het dier succesvol geïnjecteerd is duurt het nog ca 15 minuten voordat het dier slaapt. In die tijd kan het dier nog grote afstanden afleggen.
  • Slechte bereikbaarheid dier: Wanneer het donker is of wanneer er vele obstakels zijn (bijvoorbeeld takken of struiken in het schootsveld) is het onmogelijk om het dier te verdoven.
  • Wachttijden. Er wordt meestal gebruik gemaakt van diergeneesmiddelen die niet toegelaten zijn voor de betreffende diersoort. Dit betekent dat er automatisch een wachttijd voor vlees geldt van 28 dagen. Dieren die geschoten worden kunnen dus niet geslacht worden.
  • Narcoserisico
Categorie: Algemeen/Management

De met een * gemarkeerde velden zijn verplichte velden.