Sturing melkproductie

Met het verdwijnen van het melkquotum is het voor de melkveehouder mogelijk om een onbeperkte hoeveelheid melk te produceren.

Grenzen

In de praktijk is dit natuurlijk niet zo: voor elk melkveebedrijf zijn grenzen aan de totale hoeveelheid te leveren melk door beperkingen. De eerste beperkingen zijn: stal capaciteit, voer voorraad, te verwachten financiële saldo en beschikbare arbeid. Met name de verwerkingscapaciteit  van de aangevoerde melk op de melkfabrieken, inclusief de verkoop van de geproduceerde melk-producten, zijn op dit moment een grote productie beperking. Van de melkveehouder wordt dan extra ondernemers kwaliteit gevraagd om met deze beperkingen zijn of haar koeien prima gezond te houden en de melkgift per koe te variëren. Een positief bedrijfsresultaat blijft tenslotte het doel op korte en lange termijn.



Wat is praktisch haalbaar?

Wat zijn praktische mogelijkheden en oplossingen om op  korte termijn de melkproductie per koe te variëren?

1. Melkproductie per koe verhogen

Een gezonde koe produceert een dagelijkse melkgift die met name van de volgende 3 factoren afhankelijk is: het lactatie stadium, de rantsoen samenstelling en het melk-interval. Als het doel is om de melkgift per dag  te verhogen dan bieden deze 3 factoren prima mogelijkheden.

  • Het lactatie stadium

Elke vaars en koe heeft een eigen lactatie curve: de opstart fase na afkalven, de hoogte van de piek-productie en de afname naar de droogstand (=persistentie). Holstein dieren hebben een goede persistentie en vaarzen hebben een duidelijk betere persistentie dan oudere koeien. Dieren < 150 dagen in lactatie kunnen met extra voeding (energie en mineralen) en vaker melken per dag veel liters meer produceren.  Het melkvet gehalte zal dalen maar het melkeiwit en lactose gehalte zal stijgen. Dit levert in Nederland ook duidelijk meer melkgeld op. Dieren verder in lactatie (>150 dagen) zijn minder gevoelig voor vaak melken per dag maar zijn zeker in melkgift te stimuleren door rantsoen aanpassing op pens nivo: pens energie verhogen waardoor het lactose gehalte gaat stijgen en onbestendig eiwit goed op nivo houden. In de praktijk betekent dit veel lekker en vlot verteerbaar gras voeren met een beperkte hoeveelheid snijmais.

  • Rantsoen samenstelling

Met variatie in het dagrantsoen kan de melkgift spectaculair veranderen. Met name extra lekker en goed verteerbaar ruwvoer verhoogt de dagelijkse voeropname en hierdoor worden koeien alsmaar gezonder met stijging van het melklactose en daardoor meer kg melk met prima gehalten. Om een extra productie stijging te halen geeft extra voeren van krachtvoer-achtigen een nog hogere melkgift. Pulp, maismeel en soja met raapschroot kunnen hiervoor gebruikt worden. Voor duidelijk hoge melkgiften is de inzet van vetten in het rantsoen nog een optie.

  • Melkinterval

Vaker melken per dag stimuleert met name in het eerste deel van de lactatie de melkgift. Ook bij vaarzen blijft de melkgift langer op een hoog nivo omdat de persistentie van vaarzen beter is dan bij oudere koeien. Om duidelijk effect te halen is 3x per dag melken wenselijk. Bij automatisch melken is dit vrij eenvoudig te halen en bij traditioneel melken is een melkinterval van 10 uur een prima optie. Bij vaker melken per dag is extra verzorging van de dieren zeker noodzaak: de dieren mogen niet lang moeten wachten voor het melken (gaat ten koste van herkauwen en rusten van de koe) en voer en water moet onbeperkt beschikbaar zijn.

Snijmais zorgt bij koeien in het 2e deel van de lactatie voor een trage pens vertering met name door een eiwit tekort. Hierdoor daalt de lactose vorming en neemt de dagelijkse melkgift sterk af (koeien zetten zichzelf droog).

2. Melkproductie per koe verlagen

Melkgift per dag verlagen is in de praktijk zeker goed mogelijk zonder dat de gezondheid van de koe hierdoor verminderd. Sturing gebeurd  in principe met dezelfde mogelijkheden als de melkgift verhogen. Bij pasgekalfde dieren wordt de melkgift sterk geremd door een traag verteerbaar rantsoen te voeren met veel energie en laag eiwit. In de praktijk dus grof gras, veel snijmais en beperkt aanvullen met eiwit. Het melkureum zal dalen naar 15. Het rantsoen wel goed aanvullen met ruim voldoende mineralen omdat de krachtvoergift daalt! Het aantal melkingen per dag ook beperkt houden: 2-2,5. Een juist melkinterval van 12 uur is dan wel noodzaak om overbelasting van de uiers te voorkomen en de negatieve gevolgen van melk lekken. Dieren in het tweede deel van de lactatie kunnen ook 1x daags gemolken worden (zie in Nieuw Zeeland en Ierland op de low cost bedrijven).

In de praktijk

In de praktijk zijn goede mogelijkheden om de dagelijkse melkgift per koe te variëren. Vaker melken per dag, onbeperkt smakelijk ruwvoer met extra energie, extra eiwit plus mineralen en vooral een zeer goed dagelijks management rond de koe verhoogt de melkgift en de koe functioneert prima. Minder vaak melken, veel rustige energie en beperkt eiwit voeren zorgt voor een sterke daling van de melkgift.

De keuze is aan u als melkveehouder welke strategie wordt ingezet om kosten en opbrengsten op elkaar af te stemmen.
 

drs. ing. Dick de Lange

De met een * gemarkeerde velden zijn verplichte velden.

Bestel veilig en zeker bij de Veeapotheek: